Mobile
Sustainable Community
De
bijna-dood-ervaring van Mellen-Thomas Benedict
Door het Licht
Thomas Benedict Mellen is een kunstenaar die in 1982 een bijna-dood-ervaring
overleefde. Hij was meer dan anderhalf uur klinisch dood en gedurende die tijd
verrees hij uit zijn lichaam en ging het Licht binnen. Omdat hij nieuwsgierig
was ten aanzien van het universum, werd hij meegenomen naar de verre diepten van
het bestaan en zelfs daarbuiten in de energetische Lege Ruimte achter de Big
Bang.
Wat zijn bijna-dood-ervaring betreft heeft Dr. Kenneth Ring opgemerkt: “Zijn
verhaal is een van de opmerkelijkste die ik in mijn uitgebreid onderzoek naar
bijna-dood-ervaringen heb meegemaakt”.
De weg naar de dood
In 1982 overleed ik ten gevolge van een terminale kanker. De toestand waar ik in
verkeerde was niet meer te behandelen en elk soort chemotherapie die ze me nog
konden geven zou me tot een plantaardig bestaan veroordelen. Ze gaven me nog zes
tot acht maanden. Ik was in de zeventiger jaren een informatiefreak en ik maakte
me steeds grotere zorgen over de nucleaire en de ecologische crisis e.d.
Dus, omdat ik geen spirituele basis bezat, ging ik geloven dat de natuur een
vergissing had gemaakt en dat wij waarschijnlijk een kankerorganisme waren op de
planeet. Ik zag geen enkele manier waarop wij uit de problemen konden komen en
dus kreeg ik kanker. Dat doodde me. Wees daarom voorzichtig met je wereldbeeld.
Die van mij was zeer negatief. Dat leidde me naar mijn dood. Ik probeerde
allerlei soorten alternatieve geneeswijzen, maar niets hielp.
Dus ik stelde vast dat het nu alleen tussen mij en God ging. Ik had me nooit
eerder met God beziggehouden. In die tijd had ik me nooit eerder met
spiritualiteit bemoeid, maar nu begon ik aan een leertocht over spiritualiteit
en alternatieve geneeswijzen. Ik begon van alles te lezen wat ik over die
onderwerpen te pakken kon krijgen, want ik wilde aan die andere kant niet voor
verrassingen komen te staan. Ik las over verschillende godsdiensten en
filosofieën. Zij waren alle heel interessant en ze gaven me hoop dat er iets was
aan de overzijde.
Vervolgens was ik in die tijd een zelfstandige kunstenaar in gebrandschilderd
glas en ik was niet verzekerd tegen medische kosten. Dus ik moest zonder
verzekering de medische wereld tegemoet zien. Ik wilde mijn familie niet
financieel uitputten, dus besloot ik dit zelf af te handelen. Ik had niet
voortdurend pijn, maar af en toe had ik last van blackouts. Ik kwam zover dat ik
niet meer durfde te rijden en uiteindelijk belandde ik in een tehuis voor
terminale patiënten.
Ik had een eigen persoonlijk begeleider. Ik was zeer gezegend met deze engel die
met mij deze laatste fase inging. Het duurde ongeveer achttien maanden. Ik wilde
niet veel pijnstillers innemen want ik wilde zo goed mogelijk bij mijn
positieven blijven. Toen kreeg ik zoveel pijn dat ik aan niets anders dan aan
pijn kon denken, maar gelukkig duurde dat niet meer dan enkele uren per dag.
Het licht van God
Ik herinner me dat ik op een morgen om ongeveer 4.30 uur ontwaakte en ik wist
dat het zover was. Dit was de dag dat ik zou gaan sterven. Dus ik riep een paar
vrienden en nam afscheid van hen. Ik maakte mijn begeleider wakker en vertelde
haar dit. Ik had met haar de afspraak gemaakt dat zij mijn dode lichaam zes uur
met rust zou laten, want ik had gelezen dat er allerlei interessante dingen met
je gingen gebeuren als je stierf. Ik ging opnieuw slapen.
Het volgende wat ik me herinnerde was het begin van een typische
bijna-dood-ervaring. Plotseling was ik volledig bewust en ik stond op, maar mijn
lichaam lag in bed. Om me heen was het donker. Maar toen ik uit mijn lichaam
stapte was alles zelfs veel levendiger dan in de normale ervaring. Het was zo
levendig dat ik elk vertrek in het huis kon zien – ik zag de bovenkant van het
huis, ik zag alles om het huis heen en ik kon onder het huis zien.
Ik zag Licht schijnen. Ik keerde mij naar het Licht. Dit Licht leek sterk op
datgene wat vele andere mensen met een bijna-dood-ervaring hebben beschreven. Het
was zo prachtig. Het is tastbaar, je kunt het voelen. Het is verleidelijk, je
wilt er naartoe gaan zoals je naar de armen van je liefste moeder of vader wilt
gaan. Toen ik me naar het Licht bewoog wist ik intuïtief dat ik zou gaan sterven
als ik naar het Licht toe zou gaan. Dus, toen ik naar het Licht toeging zei ik:
“Wacht even, laat ik hier even blijven. Ik wil hierover nadenken, ik wil graag
even met je praten voordat ik ga”.
Tot mijn verrassing kwam die hele ervaring op dat moment tot stilstand. Je hebt
inderdaad controle over je eigen bijna-dood-ervaring. Het is geen onherroepelijke
reis. Dus mijn verzoek werd gerespecteerd en ik praatte wat met het Licht. Het
Licht veranderde in verschillende figuren, zoals Jezus, Boeddha, Krishna,
mandala’s, plaatjes van archetypes en tekens. Ik vroeg het Licht: “Wat gebeurt
hier allemaal? Licht, wil jij je alsjeblieft voor mij verduidelijken. Ik zou
heel graag de werkelijkheid van de situatie willen begrijpen”. Ik sprak niet
precies die woorden uit, want het was een soort telepathie.
Het Licht antwoordde. De informatie die ik ontving was dat je geloof bepaalt
welke feedback je krijgt alvorens je het Licht binnenkomt. Wanneer je een
Boeddhist, een Katholiek of een Fundamentalist was krijg je diezelfde feedback
terug. Je krijgt een kans om hiernaar te kijken en het te onderzoeken, maar dat
doen de meeste mensen niet. Toen het Licht zich voor mij onthulde, werd ik me
ervan bewust dat ik werkelijk de matrix van ons Hoger Zelf zag.
Ik kan je alleen maar vertellen dat het veranderde in een matrix, een mandala
van de menselijke zielen en dat wat we ons Hoger Zelf noemen een matrix is. Het
is ook een verbinding met de Bron; ieder van ons komt rechtstreeks, als een
directe ervaring uit de Bron. Wij allen hebben een Hoger Zelf, of overzieldeel
van ons wezen. Het openbaarde zichzelf aan mij in zijn meest werkelijke
energievorm. De enige manier waarop ik het zo goed mogelijk kan beschrijven is
dat het Hoger Zelf meer een kanaal, een verbinding is. Het ziet er niet op die
manier uit, maar het is een rechtstreekse verbinding met de Bron die ieder van
ons in zichzelf bezit. Wij zijn direct verbonden met de Bron.
Dus het Licht liet me de matrix van het Hoger Zelf zien. En het werd me
volstrekt duidelijk dat alle Hogere Zelven als één wezen verbonden zijn en dat
alle mensen als één wezen verbonden zijn, verschillende aspecten van hetzelfde
wezen. Het behoorde niet tot één religie. Dus dat kreeg ik teruggespiegeld. En
ik zag deze mandala van de menselijke zielen. Het was het meest prachtige wat ik
ooit gezien heb. Ik ging erin binnen en het was overweldigend. Het leek op alle
liefde die je hebt gewild en het was het soort liefde dat verzorgt, heelt,
regenereert.
Toen ik het Licht vroeg of het verder wilde gaan met verklaren, begreep ik wat
de matrix van het Hoger Zelf is. Wij hebben een lichtraster om onze Aarde heen
waarmee alle Hogere Zelven zijn verbonden. Het is als een groot gezelschap, een
volgend subtiel energieniveau rondom ons, het geestelijk niveau, zou je kunnen
zeggen. Toen, na een paar minuten, vroeg ik om meer opheldering. Ik wilde
werkelijk weten wat het universum nu echt voorstelt en ik was bereid om op dat
moment over te gaan. Ik zei: “Ik ben gereed, neem me”. Toen veranderde het Licht
in het mooiste wat ik ooit heb gezien – een mandala van menselijke zielen op
deze planeet.
Nu arriveerde ik bij mijn negatieve kijk op wat op de aarde gebeurde. Dus, toen
ik het licht vroeg het voor mij op te helderen, zag ik in deze prachtige mandala
hoe schitterend we zijn in onze essentie, onze kern. Wij zijn de meest prachtige
schepselen. De menselijke ziel, de menselijke matrix die ons allen verbindt is
absoluut fantastisch, elegant, exotisch, alles. Ik kan niet goed genoeg
benadrukken hoe het mijn mening van de menselijke wezens op dat moment
onmiddellijk veranderde.
Ik zei: “Oh God, ik wist niet hoe mooi we zijn”. Op elk niveau, hoog of laag, in
welke vorm je ook bent – je bent de meest schitterende creatie. Het verbaasde me
dat ik in geen enkele ziel boosaardige bedoelingen zag. Ik zei: “Hoe is dit
mogelijk?” Het antwoord was dat geen enkele ziel in aanleg boosaardig is. De
verschrikkelijke dingen die mensen kunnen overkomen, veroorzaken dat ze duivelse
dingen doen, hoewel hun zielen niet het kwaad bezitten. Wat alle mensen zoeken,
wat hen steunt is liefde. Het Licht vertelde me – wat de mens vervormt is een
gebrek aan liefde.
De openbaringen van het Licht leken maar door te gaan. Toen vroeg ik het Licht:
“Betekent dit dat de mensheid gered wordt?” Toen, als een trompetstoot met een
waterval van spiraliserende lichten, sprak het grote Licht: herinner je dit en
vergeet het nooit meer – jij redt, verlost en heelt jezelf. Dat heb je altijd
gedaan, dat zul je altijd doen. Je werd geschapen met de macht om dat te doen,
reeds voordat de wereld werd geschapen.
Op dat moment besefte ik zelfs meer …ik besefte dat WE REEDS VERLOST ZIJN en wij
verlossen onszelf omdat we ontworpen waren om onszelf te corrigeren, evenals de
rest van God’s universum. Hier gaat het allemaal om bij de tweede komst. Ik
dankte Gods Licht uit heel mijn hart. Het enige wat bij me opkwam waren deze
eenvoudige woorden die mijn volkomen waardering uitdrukte: “Oh mijn lieve God,
lief universum, mijn lieve Grote Zelf, ik heb mijn Leven lief.
“Het Licht leek me zelfs dieper in te ademen. Het leek alsof het Licht me
volledig wilde opnemen. Het Liefdeslicht is tot op de dag van vandaag
onbeschrijfelijk. Ik kwam een andere gebied binnen, nog dieper dan de vorige en
ik werd me bewust van nog iets groter, veel groter. Het was een geweldige
Lichtstroom, enorm groot en vol, in het Hart van het leven. Ik vroeg wat dit
was.
Het Licht antwoordde: “Dit is de Rivier van het Leven. Drink dit mannawater en
breng het naar je hart.” Dus dat deed ik. Ik nam een grote slok en nog een slok.
Het indrinken van het Leven zelf – ik was in vervoering.
Toen zei het Licht: “Je hebt een wens.” Het Licht wist alles over mij, elk
verleden, heden en toekomst.
“Ja!” fluisterde ik.
Ik vroeg of ik de rest van het Universum mocht zien, buiten ons zonnestelsel,
buiten alle menselijke illusie. Het Licht vertelde me toen dat ik met de Stroom
mee kon gaan. Dat deed ik, en werd door het Licht meegevoerd naar het einde van
een tunnel. Ik voelde en hoorde een serie zeer zachte supersonische knallen. Wat
een haast!
De Lege Ruimte
Plotseling leek het dat ik van de planeet weggeschoten werd op de stroom van het
Leven. Ik zag de aarde verdwijnen. Het zonnestelsel zoefde in al haar schoonheid
voorbij en verdween. Ik vloog sneller dan het licht door het centrum van de
galaxy, nam nog meer kennis op. Ik leerde dat deze galaxy en alle
sterrenstelsels in het Universum barsten van veel soorten Leven. Ik zag vele
werelden. Het goede nieuws is dat we niet alleen zijn in het Universum.
Toen ik me liet meevoeren met deze bewustzijnsstroom door het centrum van de
galaxy, brak de stroom uiteen in een geweldig aantal energiegolven. De
superclusters van sterrenstelsels met al hun oude wijsheid gleden voorbij,
terwijl ik ergens naartoe ging, eigenlijk naartoe reisde. Maar toen realiseerde
ik me dat als de stroom groter werd, ook mijn eigen bewustzijn groeide met alles
wat ik van het Universum opnam! Een schepping gleed aan mij voorbij. Het was een
onvoorstelbaar wonder! Ik was werkelijk een wonderkind, een kind in Wonderland!
Het leek alsof alle creaties in het Universum voor mij oprezen en weer verdwenen
in een fonkelend Licht. Bijna onmiddellijk verscheen een tweede Licht. Het kwam
van alle kanten en het was zo anders – een Licht dat samengesteld was uit elke
frequentie in het Universum. Ik voelde en hoorde opnieuw verschillende
fluweelzachte supersonische knallen. Mijn bewustzijn of wezen ontplooide zich om
contact te maken met het gehele Holografische Universum en meer.
Toen ik overging in het tweede Licht, werd ik me bewust dat ik zo juist de
Waarheid had getranscendeerd. Op die manier kan ik dit het beste beschrijven.
Toen ik het tweede Licht binnenkwam, ontvouwde ik me buiten het eerste Licht. Ik
bevond mij in een diepe stilte, buiten alle stilte. Ik kon de EEUWIGHEID zien of
onderscheiden, achter de Oneindigheid.
Ik was in de Lege Ruimte.
Ik was in de preschepping, vóór de Big Bang. Ik was voorbij het begin van de
tijd – het Eerste Woord - de Eerste Vibratie. Ik was in het Oog van de
Schepping. Het was alsof ik het Gezicht van God aanraakte. Het was geen
religieus gevoel. Het was gewoon alsof ik één was met het Absolute Leven en
Bewustzijn.
Toen ik zei dat ik de eeuwigheid kon zien of onderscheiden, bedoelde ik dat ik
kon ervaren hoe de gehele schepping zichzelf voortbracht. Het was zonder begin
en zonder eind. Dit zet je wel aan het denken, niet? De wetenschappers zien de
Big Bang als een enkele gebeurtenis die het Universum creëerde. Ik zag dat de
Big Bang slechts één van de vele Big Bangs is die de universa eindeloos en
gelijktijdig scheppen. Je zou het kunnen vergelijken met supercomputers die
fractale geometrische vergelijkingen gebruiken.
De Ouden wisten dit. Ze zeiden dat het Opperwezen periodiek nieuwe Universa
uitademde en andere Universa inademde. Deze tijdperken werden Yuga’s genoemd. De
moderne wetenschap noemde dit de Big Bang. Ik was in een absoluut, zuiver
bewustzijn. Ik kon zien of voelen hoe alle Big Bangs of Yuga’s zichzelf schiepen
en lieten verdwijnen. Ik beleefde ze alle gelijktijdig. Ik zag dat elk klein
deeltje van de schepping die macht tot scheppen bezit. Het is erg moeilijk om
dit uit te leggen. Ik ben hierover nog steeds sprakeloos.
Het kostte me jaren, nadat ik was teruggekeerd, om maar iets van de ervaring van
de lege Ruimte in woorden uit te drukken. Ik kan je nu dit vertellen – de Leegte
is minder dan niets en toch meer dan alles wat is! De Leegte is de absolute nul
– de chaos vormt alle mogelijkheden. Het is het Absolute Bewustzijn, veel meer
zelfs dan de Universele Intelligentie.
Waar bevindt zich de Lege Ruimte? Ik weet het. De Lege Ruimte bestaat binnen en
buiten alles. Jij bent – zelfs nu in dit leven – altijd gelijktijdig in en
buiten de Leegte. Je hoeft nergens heen te gaan of te sterven om daar te komen.
De Leegte is het vacuüm of niets tussen alle fysische manifestaties. De RUIMTE
tussen atomen en hun deeltjes.
De moderne wetenschap is deze ruimte tussen alles aan het bestuderen. Ze noemen
dit het Nul-punt. Zodra ze het proberen te meten, raken hun meetinstrumenten van
slag - zij kunnen de oneindigheid niet meten. Ze kunnen op geen enkele manier de
oneindigheid nauwkeurig meten. Er bestaan meer nul-ruimtes in je eigen lichaam
en in het Universum dan iets anders.
Wat de mystici de Leegte noemen is niet een lege ruimte. Het is zo vol van
energie - een ander soort energie dat alles wat we zijn heeft gecreëerd. Alles
na de Big Bang is vibratie, vanaf het eerste Woord, dat de eerste vibratie is.
Het bijbelse ‘Ik Ben’ wordt echt gevolgd door een vraagteken. “Ik ben – Wat ben
Ik?”
Dus de schepping is God die ZichZelf op elke voorstelbare manier verkend, in een
voortdurend, oneindig onderzoek door middel van ieder van ons. Door elke haartje
op je hoofd, door elk blad aan de boom, door elk atoom – onderzoekt God
ZichZelf, de grote ‘Ik Ben’. Ik ben gaan zien dat alles wat bestaat, het Zelf
is, letterlijk, jouw Zelf, mijn Zelf. Alles is het grote Zelf. Daarom weet God
zelfs dat een blad valt. Dat is mogelijk omdat waar je ook bent het centrum van
het universum is. Elke plek van een atoom is het centrum van het universum.
Daarin bestaat God en God is de Lege Ruimte.
Toen ik de Leegte en alle Yuga’s of scheppingen onderzocht, bevond ik mij
volledig buiten de tijd en ruimte zoals wij die kennen. In deze vergrootte
staat, ontdekte ik dat de schepping gaat over het Absolute Zuivere Bewustzijn,
of God, die in het Ervaren van het Leven verschijnt zoals wij die kennen. De
Leegte zelf was verstoken van ervaring. Het is het pre-leven, voor de eerste
vibratie. Het Opperwezen is meer dan Leven en Dood. Daarom is er meer dan het
ervaren van ‘leven en dood’ in het Universum!
Ik was in de Leegte en ik was me bewust van alles wat ooit geschapen is. Het was
net of ik door de ogen van God zag. Ik was God geworden. Plotseling was ik niet
meer ik. Het enige wat ik kan zeggen was – ik keek door de ogen van God. En
plotseling wist ik waarom elk atoom bestond en ik kon alles zien. Het meest
interessante was dat ik uit de Lege Ruimte terugkeerde met het besef dat God
daar niet is. God is hier. Daar gaat het allemaal om.
Dus deze voortdurende zoektocht van het menselijk ras om erop uit te gaan
teneinde God te vinden … God gaf ons alles, alles is hier, dit is het
belangrijkste. En waar wij ons nu bevinden - God’s onderzoek van God door
middel van ons. De mens is zo druk bezig God te worden dat ze vergeten te
beseffen dat ze God al zijn en dat God ons wordt. Daar gaat alles om.
Toen ik dit besefte, was ik klaar met de Lege Ruimte en wilde terugkeren naar
deze schepping, of Yuga. Dit leek me de meest natuurlijke weg. Toen kwam ik
plotseling terug door het tweede Licht, of de Big Bang en ik hoorde weer diverse
supersonische knallen. Ik liet me door de bewustzijnsstroom door alle creaties
meevoeren en wat was dat een gebeurtenis! De superclusters van sterrenstelsels
die ik beleefde gaven me nog meer inzichten.
Ik passeerde het centrum van onze galaxy, wat een zwart gat is. Zwarte gaten
zijn de grote processoren (verwerkingseenheden) of omvormers van het Universum.
Weet je wat er zich aan andere kant van een Zwart Gat bevindt? Wij – onze galaxy
– die vanuit een ander Universum zijn omgevormd, ‘gerecycled’. In zijn totale
energieconfiguratie lijkt de galaxy op een fantastische stad van lichten. Alle
energie aan deze kant van de Big Bang is licht. Elk subatoom, atoom, ster,
planeet, zelfs het bewustzijn is van licht gemaakt en bezit een frequentie en/of
deeltje. Licht is levend materiaal. Alles is uit licht gemaakt, zelfs stenen.
Dus alles is levend. Alles is gemaakt uit het Licht van God, alles is zeer
intelligent.
Het Licht van Liefde
Toen ik me liet meevoeren door de stroom, kon ik uiteindelijk een geweldig Licht
zien naderen. Ik wist dat dit het eerste Licht was – de Lichtmatrix van het
Hoger Zelf van ons zonnestelsel. Toen verscheen het gehele zonnestelsel in het
Licht, wat gepaard ging met een van die supersonische knallen.
Ik zag dat het zonnestelsel waarin wij leven een groter, lokaal lichaam is. Dit
is ons plaatselijk lichaam en we zijn veel groter dan we ons kunnen voorstellen.
Ik zag dat het zonnestelsel ons lichaam is. Ik ben hiervan een onderdeel en de
aarde is dit scheppende wezen dat we zijn en wij zijn hiervan een bewust
onderdeel. Maar wij zijn hiervan slechts een deeltje. We zijn niet alles, maar
we zijn dat deel dat weet dat het zo is.
Ik kon alle energie zien die dit zonnestelsel opwekt en het is een ongelooflijke
lichtshow! Ik kon de muziek der sferen horen. Ons zonnestelsel genereert – zoals
alle hemelse lichamen – een uniek lichtmatrix, geluid en trillingsenergieën.
Ontwikkelde beschavingen uit andere sterrenstelsels kunnen het leven - zoals wij
dit in het universum kennen – plaatsen, herkennen aan zijn vibratie of
energiematrix. Het is een kinderspelletje. Het Wonderkind van de aarde (de
menselijke wezens) maken op dit moment veel lawaai, zoals kinderen die in de
tuin van het universum spelen.
De stroom bracht me rechtstreeks naar het centrum van het Licht. Ik werd omarmd
door het Licht toen het me door zijn adem naar zich toetrok, waarop weer een
andere zachte supersonische knal volgde.
Ik bevond me in dit Licht van Liefde terwijl de levensstroom door me heen
vloeide. Ik moet opnieuw zeggen dat het de meest liefdevolle, oordeelloze Licht
is. Het is de ideale ouder voor dit Wonderkind.
“Wat nu?” vroeg ik me af.
Het Licht legde me uit dat er geen dood bestaat, we zijn onsterfelijke wezens.
We er altijd al geweest! Ik besefte dat we deel uitmaken van een natuurlijk
levend systeem dat zichzelf eindeloos ‘recycled’, omvormt. Mij was nooit verteld
dat ik terug zou komen. Ik wist alleen dat dit zou gebeuren. Het was zo logisch
nadat ik alles had gezien.
Ik weet niet hoelang ik in het Licht was, in menselijke tijd. Maar er kwam een
moment, toen ik besefte dat al mijn vragen beantwoord waren, dat mijn terugkeer
aanstaande was. Toen ik zei dat al mijn vragen beantwoord waren, bedoelde ik dit
letterlijk. Al mijn vragen waren beantwoord. Elk mens heeft een ander leven en
moet een reeks vragen oplossen. Sommige vragen van ons zijn universeel, maar
ieder van ons onderzoekt op zijn eigen unieke manier het Leven, zoals wij dit
noemen. Dit geldt voor iedere levensvorm, van bergen tot aan elk blad van een
boom.
En dat is erg belangrijk voor de rest van ons in dit Universum. Want het draagt
allemaal bij aan het Grote Plaatje, de volheid van het Leven. Wij zijn
letterlijk God die ZichZelf onderzoekt in een oneindige Dans van het Leven. Onze
uniekheid versterkt, verbetert al het Leven.
De terugkeer naar de aarde
Toen ik aan mijn terugkeer naar mijn levenscyclus begon, kwam het nooit bij me
op dat ik naar hetzelfde lichaam zou terugkeren. Het maakte me niets uit, ik had
een volkomen vertrouwen in het Licht en in het levensproces. Toen de stroom
samensmolt met het grote Licht, vroeg ik of ik nooit de openbaringen en de
gevoelens zou mogen vergeten die ik aan de andere kant had meegemaakt.
Er volgde een ‘Ja’. Het voelde alsof mijn ziel gekust werd.
Toen werd ik opnieuw door het Licht meegenomen naar het trillingsgebied. Het
proces werd omgedraaid en ik ontving zelfs meer informatie. Ik kwam thuis en ik
ontving lessen over de mechaniek van de reïncarnatie. Ik kreeg antwoorden op al
die kleine vragen van mij – hoe werkt dit, hoe werkt dat. Ik wist dat ik opnieuw
zou incarneren. De aarde is een grote bewerker van energie en het individuele
bewustzijn evolueert van het een naar het ander.
Ik zag me voor het eerst als een mens en ik was blij mens te zijn. Door alles
wat ik had gezien, was ik al blij een atoom in dit universum te zijn. Eén atoom.
Een menselijk deel van God te zijn … dit is de meest fantastische zegen. Het is
een zegen die onze stoutste verwachting overtreft – een menselijk deel van deze
ervaring te mogen zijn is overweldigend, schitterend. Elk van ons – wat we ook
zijn, verknipt of niet – is een zegen voor de planeet, zoals we hier zijn.
Dus ik ging door het incarnatieproces en verwachtte als een baby geboren te
worden. Maar ik kreeg een les in hoe de individuele entiteit en het bewustzijn
evolueert. Dus ik kwam terug in dit lichaam. Wat was ik verrast toen ik mijn
ogen opendeed. Ik weet niet waarom, want ik begreep dit, maar toch was het een
grote verrassing weer terug in mijn lichaam te zijn, terug in mijn kamer met
iemand die naar mij keek en huilde. Het was mijn verzorger. Ze was al anderhalf
uur bij me nadat ze me dood had gevonden. Ze was er zeker van dat ik dood was,
alle tekens van de dood waren er – ik werd al stijf.
We weten niet hoelang ik dood ben geweest, maar we weten wel dat ik na anderhalf
uur werd gevonden. Ze had rekening gehouden met mijn wens om mijn dode lichaam
enkele uren alleen te laten. Zij hadden een versterkte stethoscoop en veel
manieren om de vitale functies te checken. Zij kon bevestigen dat ik echt dood
was. Het was geen bijna-dood-ervaring. Ik heb de dood minstens anderhalf uur
ervaren. Ze vond mij dood en ze controleerde mij met de stethoscoop, mat mijn
bloeddruk en hartsnelheid. Toen ontwaakte ik en zag het licht buiten. Ik
probeerde overeind te komen om er naartoe te lopen en viel uit mijn bed. Zij
hoorde een bons, rende naar binnen en vond me op de vloer.
Toen ik herstelde, was ik zeer verbaasd over wat mij was overkomen. In het begin
had ik geen enkele herinnering hieraan. Steeds opnieuw gleed ik weg uit deze
wereld en bleef maar vragen: “Ben ik in leven?” Deze wereld leek meer op een
droom als die andere. Binnen drie dagen voelde ik me weer normaal, helder, maar
toch anders dan in mijn oude leven. Mijn herinnering aan mijn reis kwam later
terug. Fouten zag ik niet meer bij de mens, zoals ik vroeger had gezien. Voor
die tijd stond ik altijd met mijn oordeel klaar. Ik dacht dat veel mensen
geschift waren, in feite dacht ik dat ze allemaal verknipt waren. Maar daar ben
ik heel anders over gaan denken.
Ongeveer drie maanden later, zei een vriend dat ik me opnieuw moest laten
testen. Dus ik ging naar het ziekenhuis en liet allerlei scans maken. Ik voelde
me echt goed, dus was ik bang om slechts nieuws te krijgen. Ik herinner me de
dokter die de eerste en de laatste scans zag en zei: “Welnu, er is niets meer te
zien”. Ik zei: “Werkelijk, dit moet een wonder zijn?” Hij zei: “Nee, deze dingen
gebeuren, het zijn spontane genezingen”. Hij deed alsof hij niet onder de indruk
was. Maar, het was een wonder en ik was wel onder de indruk, zelfs indien ik de
enige zou zijn.
De lessen die ik leerde
De mysterie van het leven heeft weinig te maken met intelligentie. Het universum
is helemaal geen intellectueel proces. Het intellect is behulpzaam, het is
briljant, maar we gebruiken dit nu te veel, in plaats van onze harten en de
wijzere delen van onszelf.
Het centrum van de aarde is deze grote transmuteerder van de energie, zoals je
kunt zien in de plaatjes van de magnetische velden van onze aarde. Dat is onze
cyclus – het aantrekken van incarnerende zielen, steeds opnieuw. Een teken dat
je menselijk niveau bereikt, dat je een individueel bewustzijn begint te
ontwikkelen.
De dieren hebben een groepsziel en zij incarneren in groepszielen. Een hert zal
altijd een hert zijn. Maar als mens geboren te zijn – of het nu misvormd of een
genie is – laat zien dat je op weg bent om naar een individueel bewustzijn
ontwikkeld te worden. Dit maakt weer onderdeel uit van het groepsbewustzijn dat
mensheid wordt genoemd.
Ik zag dat rassen persoonlijkheidsclusters zijn. Naties zoals Frankrijk,
Duitsland en China hebben ieder een eigen persoonlijkheid. Steden hebben
persoonlijkheden, hun plaatselijke groepszielen trekken bepaalde mensen aan.
Families hebben groepszielen. De individuele identiteit ontwikkelt zich als
onderdeel van een fractal – de groepsziel onderzoekt onze individualiteit. De
verschillende vragen die wij allen kennen, zijn zeer belangrijk. Op die manier
verkent God ZichZelf – door middel van ons. Je zult je Zelf vinden en je zult
God vinden in dat Zelf, want het is het enige Zelf.
Bovendien begon ik in te zien dat alle mensen zielmaatjes zijn. Wij zijn
onderdeel van dezelfde zielopdeling in veel creatieve richtingen, maar zijn toch
dezelfde. Nu beschouw ik elk menselijk wezen dat ik ooit zal zien als een
zielmaat, mijn zielmaat, degene waar ik altijd naar uit heb gezien. Bovendien,
de grootste zielmaat die je ooit zal krijgen ben jezelf.
Wij zijn zowel mannelijk en vrouwelijk. Wij ervaren dit in de baarmoeder en wij
ervaren dit in de reïncarnatiestaat. Wanneer je die ultieme zielmaat buiten
jezelf zoekt, dan zul je deze nooit vinden – hij of zij is niet daar. Net zoals
God niet ‘daar’ is. God is hier. Zoek God niet buiten jezelf. Kijk in jezelf.
Begin aan de grootste liefdesaffaire die je ooit hebt gehad … met je Zelf. Je
zult vanuit hier alles liefhebben.
Ik ben afgedaald in wat jullie misschien de Hel noemen en het was verrassend –
ik zag geen Satan noch duivel. Mijn afdaling in de Hel was een afdaling in
iemands gebruikelijke menselijke ellende, onwetendheid en de duisternis van het
niet-weten. Het leek wel een eeuwige ellende. Maar ieder van de miljoenen zielen
rondom mij bezaten een klein sterrenlicht dat altijd beschikbaar was. Maar
niemand scheen hier aandacht aan te schenken. Ze werden te zeer in beslag
genomen door hun eigen pijn, trauma en ellende. Maar, na wat een eeuwigheid
leek, begon ik het Licht te roepen, zoals een kind om zijn ouders roept voor
hulp.
Toen opende zich het Licht en vormde een tunnel om mij heen en schermde me af
voor al die angst en pijn. Zo is de Hel in werkelijkheid. Dus wij leren om
elkaars handen vast te houden, om samen te komen. De deuren van de Hel staan nu
open. Wij gaan ons met elkaar verbinden, wij houden elkaars handen vast en
wandelen samen de Hel uit. Het Licht kwam naar mij toe en veranderde in een
enorme gouden engel. Ik zei: “Ben je de engel van de dood?” Het liet me weten
dat het mijn overziel was, de matrix van mijn Hoger Zelf, een superoud deel van
onszelf. Toen werd ik door het Licht meegenomen.
Spoedig zal onze wetenschap de geest kwantificeren. Zal dat niet prachtig zijn?
We hebben nu al apparaten die gevoelig zijn voor subtiele energie of
geestenergie. De fysici gebruiken deze magneetringen om atomen op elkaar te
laten botsen en de samenstelling te zien. Ze zijn gekomen tot quarks en charm en
al die andere kleinste deeltjes. Welnu, op een dag zullen zij bij dat deeltje
komen dat alles bijeenhoudt en ze zullen het God noemen.
Met magnetische ringen zullen ze niet alleen zien wat in een atoom zit, maar ze
creëren ook deeltjes. Gelukkig hebben de meeste een kort leven van milli- en
nanoseconden. Wij zijn gaan zien dat we ook creëren wanneer we hiermee doorgaan.
Ik zal dan ook nooit vergeten dat ik in een gebied kwam waarbinnen een punt
bestaat, voorbij alle kennis, waar wij de volgende fractal gaan scheppen, het
volgende niveau. Wij hebben die macht om te creëren wanneer we ontdekken. En dat
is God die zich door middel van ons uitbreidt.
Sinds mijn terugkeer heb ik het Licht spontaan ervaren en ik heb geleerd hoe ik
bijna elk moment in mijn meditatie die ruimte kan binnengaan. Ieder van jullie
kan dit. Je hoeft hiervoor niet te sterven. Het behoort tot je uitrusting – je
hebt hiervoor al je circuits. Het lichaam is een universum van een ongelooflijk
Licht. Geest probeert ons niet uit ons lichaam te duwen. Dit gebeurt dus niet.
Stop met het proberen God te worden – God wordt jou – hier.
Het verstand is als een kind dat door het universum rent, het vraagt dit en
terwijl het denkt schept het de wereld. Maar ik vraag je verstand: “Wat heeft je
moeder hiermee te maken?” Dat is het volgende niveau van het spirituele
gewaarzijn. Oh, mijn moeder! En plotseling geef jij je ego op, want je bent niet
de enige ziel in het universum.
Een van mijn vragen aan het Licht was: “Wat is de Hemel?” Ik kreeg een rondreis
langs alle hemels die geschapen waren – de Nirvana’s, de Gelukkige Jachtvelden,
allemaal. Ik heb ze bezocht. Het zijn scheppingen van gedachtevormen die we
hebben gecreëerd. Wij gaan niet echt naar de hemel – we worden omgevormd,
‘gerecycled’.