Onze
mensen op de maan:
de
waarheid achter onze bemande missie onthuld
een
commentaar door Sheldan Nidle
Al
talrijke eeuwen droomden onze voorouders om naar de maan te reizen en weer
terug. Pas in de laatste eeuw werd een tamelijk onmogelijk lijkende reis
uitvoerbaar. De belangstelling nam toe in de zestiger jaren met de
‘ruimterace’ tussen de Verenigde Staten en de Sovjet Unie. Vanuit die
competitie ontstond uiteindelijk het Apollo Maan Programma. Apollo zond een
bemanning van 9 astronauten op missie om óf rond de maan te cirkelen óf op de
maan te landen. Toch blijven er nog veel vragen hangen rond deze missies, zoals:
landde Apollo werkelijk op de maan? Wat kwamen de astronauten werkelijk tegen op
hun reis naar de maan? Wat beleefden ze op de maan? Laat onze deze belangrijke
vragen nog eens nagaan om te zien wat er werkelijk gebeurde.
In
strijd met het populaire geloof, is onze maan in feite geen natuurlijke
satelliet, maar een kunstmatige, die de natuurlijke satellieten van Moeder Aarde
verving tijdens de tragische vernietiging van Lemurië en later Atlantis in het
verre verleden. De onbemande maanlanders die in de eerste helft van de zestiger
jaren op de maan landden, deden proeven om te bewijzen dat de maan ‘rinkelde
als een telefoon’, een ongebruikelijk verschijnsel dat het gevolg was van een
schil van een titaniumlegering waarmee de maankorst was bedekt. Bovendien is de
atmosfeer van de maan heel gering, met een specifieke zwaartekracht die veel
hoger is dan de algemeen aanvaarde wetenschappelijke opvatting op de Aarde. Ook
bestaat er tussen de Aarde en de maan een multigelaagde stralingsgordel onder de
naam Allen Gordel, die elke reis naar de maan potentieel gevaarlijk maakt.
In
het grootste deel van de zestiger jaren werkte Apollo onder de loden last van
een mandaat van de president om de US-astronauten vóór het einde van dat
decennium op de maan te laten landen. Als gevolg hiervan werden de ware machten
achter de ‘ruimtestrijd’ onder druk gezet om zich op de meest vreemde
manieren te gedragen, waardoor er grote vraagtekens geplaatst konden worden over
het Apollo-programma. Voor zijn wetenschappelijke critici lijkt het
Apollo-project óf een enorme misleiding óf een massale geheimhouding te zijn.
In
feite vonden beide plaats. Apollo was omgeven door een enorme UFO ‘cover-up’,
en ook belast met een ruimtebureau dat sterk bepaald werd door de
exotische technologie, welke het gevolg was van de geheimhouding. Mondiale
duistere operaties, die gecreëerd waren door de regerende intriganten van deze
wereld om mee te doen met de ‘aanwezigheid van de buitenaardsen’ en hun
exotische technologie, hielden de ruimterace nauwkeurig in de gaten. Besef dat
de periode 1950 t/m 1970 te maken had met de vele bizarre gevolgen van de
‘koude oorlog’, en Apollo bewees geen uitzondering op de regel te zijn. Op
de Maan bevonden zich verschillende bases van de buitenaardsen en op advies van
onze militaire leiders en planners was aan de Maan de hoogste prioriteit
gegeven..
De
Maan was een toekomstige basis, die al in het geheim bezet was door
verschillende groepen buitenaardsen en hun uitgenodigde gasten: mondiale
manipulators van duistere operaties (black ops). Vele leiders in mondiale duistere operaties
zagen Apollo als een manier om belangrijk voordelen te verkrijgen voor hun
aardse meesters met deze vreemde ‘buitenaardsen’. Maar zij eisten nog een
keurig, waterdicht, pakkend verhaaltje om een plotselinge publieke onrust te
voorkomen over het geheimhouden van het bestaan van deze ET’s.
Naar
het publiek toe waren deze mannen die met het juiste materiaal in de publiciteit
kwamen, de helden van de Apollo missie, die moedig door de ruimte reizen in een
normale, volgens de raketwetenschap ontwikkelde uitrusting. In feite waren de
astronauten slechts marionetten, die zich tot geheimhouding hadden verplicht
door een eed aan de regering. Niets was, zoals het leek te zijn. Een ingewikkeld
verhaal met sinistere doeleinden was in gang gezet. Apollo moest naar de Maan,
maar niet om te ontdekken wat zich daar bevond. In werkelijkheid moest het
Apollo project gebruikt worden als een troef in de onderhandelingen met de
mondiale ‘zeer geheime buitenaardse’ operaties van de duistere
sterrenstaten.
Beginnend
in de late 1950er jaren, hadden diezelfde groep duistere buitenaardsen
verschillende speciaal geselecteerde militaire en burgerwetenschappers naar hun
ondergrondse maanbases gebracht. Mondiale duistere operaties hadden hun op
ET-gebaseerde technologie nodig door óf de gecrashte UFO’s te redden, óf
door het terugontwikkelen van de schepen die de ET’s hen gegeven hadden. Toch
voelden de mondiale duistere manipulators dat zij een essentieel gereedschap
misten. Zij dienden extra wegen te vinden om meer geavanceerde ET technologie te
verkrijgen en een grotere vrijheid voor hun speciale operaties op de
buitenaardse maanbases. De mondiale duistere manipulators hadden een strategie
nodig. Zij vonden Apollo uit.
Apollo’s
rookgordijn
Het Apollo project diende zeer speciale apparatuur te ontwikkelen om zijn ‘deadline’ aan het eind van het decennium te halen. Voor het publiek moest deze apparatuur ten alle tijden normaal lijken. De mondiale gemeenschap moest volstrekt overtuigd zijn dat we naar de Maan gingen, terwijl we alleen maar geavanceerde raketten en andere daarbij passende technologie gebruikten. Vervolgens moesten de geheime voortstuwing en de geavanceerde ET technologie gemakkelijk te verbergen zijn. Bovendien moest de Maan exact lijken op de vroegere beschrijving van de wetenschappers. Om dit te laten gebeuren werd het Apollo project vanaf het begin opgesplitst in drie delen, zoals Caesars Gallië. Allereerst vestigden de mondiale duistere manipulators een speciaal gebouwde televisiestudio op een geheime aardse locatie. Als tweede werden de Apollo astronauten met opzet slecht gefocuste of ‘korrelige’ videocamera’s meegegeven voor gebruik op de maan. Als derde gaf het Apollo project later een aantal gemanipuleerde en/of speciaal vervaardigde foto’s vrij, teneinde Apollo echt genoeg te laten lijken en om niet het bestaan van de ET’s en hun buitenissige technologie te onthullen. Geselecteerde optische wetenschappers en technici, die ‘geleend’ waren van andere mondiale duistere geheime projecten, hadden deze gefabriceerd.
(Filmbeelden toegevoegd van de Maan tijdens diverse maanvluchten - zie video)
Vanaf
het begin verlangde het Apollo project ongebruikelijke hoge interne
geheimhoudingsniveaus en speciaal gerichte publiciteit. Om te slagen moesten de
mondiale duistere manipulators opnieuw hun echte meesters consulteren: de
diverse groep van geheime intriganten die al heel lang invloed hadden in het
controleren van het belangrijkste geldverkeer en zijn verschillende regeringen
op Aarde. De massamedia moest verhinderd worden om op de ‘juiste plekken’ te
speuren, waardoor deze kostbare cover-up vernield zou worden. De essentiële
bestuurlijke departementen en hun verbonden bureaus die in het Apollo project
betrokken waren, moesten tegengehouden worden om deel te nemen aan plotselinge
‘onafhankelijke onderzoekingen’. Een vooraf gefabriceerd
‘eenheidsfront’, zoals deze, diende de massale cover-up met succes uit te
voeren. Dus te allen tijde diende Apollo een uiterlijke schijn op te voeren dat
dit geen militaire operatie was. In overeenstemming met deze fictie, was Apollo
slechts een wetenschappelijke expeditie op speurtocht naar onze meest naaste
buur, de Maan. Apollo was daarentegen in feite een missie van een mondiale
duistere kliek om de duistere ET’s onze geheime troefkaart te laten zien,
waardoor ze de broodnodige concessies van hen zouden kunnen krijgen.
Om
Apollo de Maan te laten bereiken, gebruikten de mondiale duistere manipulators
sommige van zijn terugontwikkelde ET technologie, die duidelijk ontworpen was om
Apollo te assisteren bij een succesvolle landing op de Maan en een veilige
terugkeer naar de Aarde. Deze uitrusting was ook in staat de bemanning van drie
mannen te beschermen tegen de gevaarlijke straling die ze zouden tegenkomen in
de Aarde-Maan ruimte. De mondiale duistere kliek geloofde sterk dat zowel de
goede als de slechte ET’s nauwkeurig de vele reizen van Apollo naar de Maan
zouden volgen. Daarom ontwikkelden ze een specifieke code om belangrijke feiten
naar de ‘grondcontrole’ te communiceren. Maar deze code had een tweede, meer
sinistere bedoeling: om het publiek onwetend te houden van wat er werkelijk op
de Apollo gebeurde. Bijvoorbeeld, op één vlucht werden UFO’s geïdentificeerd
als ‘Santa Claus’ en, tijdens een trip rond de Maan met Kerstmis verklaarde
een astronaut: “Er bestaat werkelijk een Santa Claus”. Volgens de code
bedoelde hij dat vele verkenningsschepen (of UFO’s) Apollo begeleiden. Veel
andere ‘trucs’ werden toegepast om deze perfecte cover-up uit te voeren.
Een
reis naar de Maan
Elke
bemande Apollo missie naar de Maan werd uitgevoerd als een uit drie onderdelen
bestaand project. Ten eerste, de feitelijke Apollo bemanning en hun directe
uitrusting. Ten tweede, een voortdurende serie geheim televisiestudiowerk, dat
nodig was om het beeld van een voorspelde duistere en luchtledige Maan naar het
publiek over te dragen. Ten slotte, de foto’s die tijdens de vlucht gemaakt
werden, moesten ‘bewerkt’ worden alvorens ze als maanfoto’s publiek
gemaakt konden worden. Zoals eerder vermeld, deze foto’s werden uiterst
nauwkeurig geproduceerd om de Apollo cover-up gaande te houden. Een aantal
mondiale duistere operatie ‘producers’ en hun grote staf medewerkers
manipuleerden al deze elementen tot één geheel. Deze producers hadden een
directe toegang tot de Apollo missie en tot zijn belangrijkste grondstations,
met inbegrip van de Apollo missie controlecentrum in Texas en Florida. Elk
aspect werd gevolg volgens een voorbereid handboek. De tot mislukking gedoemde
Apollo 13 missie was de enige uitzondering. Echter, de moeilijkheden van Apollo
13 waren niet het gevolg van een exploderende brandstofcel, maar van het
vervoeren van een geheime lading naar de Maan, die bestond uit een kleine
plutoniumbom.
Deze
missie werd gestopt door een snelle, goed geplaatste stoot van een
deeltjesstraalwapen, dat zich aan boord bevond van een volgend UFO ruimteschip.
De echte geheime agenda van de mondiale duistere kliek was duidelijk ontdekt en
voorkomen. Mondiale duistere manipulators waren van plan dergelijke
‘apparatuur’ naar de Maan te zenden om ze te gebruiken om extra concessies
los te krijgen van hun duistere buitenaardse bondgenoten. De mondiale duistere
kliek gebruikte dergelijke incidenten ook om één cruciaal punt aan hun
duistere bondgenoten duidelijk te maken. Los van het feit wat er in de ruimte
gebeurde, de duistere kliek was altijd in staat deze incidenten even gemakkelijk
geheim te houden als hun al decennia lang durend complot met betrekking tot de
duistere sterrenstaten. Apollo 13 werd hoffelijk naar huis geholpen door
verschillende vriendelijke UFO’s in de nabijheid. Met behulp van trekstralen
en andere levensondersteunende technologie, stelden de UFO schepen Apollo in
staat eerst rond de Maan te cirkelen, om vervolgens met succes op de Aarde te
landen.
Apollo:
zijn lessen.
Deze plotselinge ontdekking veroorzaakte de verwachte ontbinding van de bemande Apollo Maan Programma. Al heel snel verboden, zowel de strijdmacht van de Galactische Licht Federatie met bases op de Maan en op Mars, als die van de duistere sterrenstaten, verdere bemande missies die geprogrammeerd werden, met uitzondering van de reeds goedgekeurde Apollo 17 missie.
De
eenvoudige waarheid was dat Apollo niet echt de bedoeling had om mensen naar de
Maan te brengen. Achter de Hollywoodachtige productie en een enorme cover-up lag
het feit, dat de Apollo missie een poging was tot maansabotage en oplichting.
Apollo's snelle dood bracht een eind aan de eerste hoofdstukken van de met zeer
veel publiciteit omgeven bemande ruimtevluchtprogramma's in Amerika. Het maakte
echter geen eind aan de technische terugontwikkelingsprogramma's van de mondiale
duistere kliek, of aan zijn werkelijke plannen van 'star wars'. De waarheid
bevindt zich daar buiten. Echter, zoals het gezegd luidt: dat is een ander
verhaal.