Haar Perspectief

door
Alloya
1.10
De
Aapmens
De
eerste tweevoetige aapmens verscheen ongeveer 3,32 miljoen jaar geleden op de
Aarde. Dit was de geliefde creatie van de Godin, de zuivere aardemens.
Tweevoetig of tweebenig is de meest kenmerkende, waarschijnlijk vroegste,
bepalende eigenschap van de mens. Homo
Erectus was de eerste Hominide
(mensachtige) die zich over een uitgestrekt gebied in de oude wereld had
verspreid. Het soort bestond meer dan 1,5 miljoen jaar. Aanwijzingen, zoals
inkervingen op de botten van dieren, onthullen dat de eerste mens primitieve
stenen werktuigen gebruikte om de beenderen te openen voor het merg. Stenen
gereedschap stelde de eerste mens in staat om voedsel te gebruiken dat geen
andere schepsel kon krijgen – beenmerg. Dit was het brandstof om de omvang van
het brein van de aapmens te vergroten, waardoor hij weer beter gereedschap kon
maken om te overleven. Hun lichamen waren, zoals in onze tijd, menselijk maar
hun gezichten waren nog steeds aapachtig. Ze aten ruwe planten en vlees, dus
moesten sterke kaken hebben om hun voedsel te kauwen. Ze maakten stenen
handbijlen, houten speren en vaten. Ze bouwden hutten en hielpen elkaar bij het
jagen op groot wild om voedsel te verzamelen. Deze vroege aapmens bezat
intelligentie en wijsheid. Dit had hij ontvangen van de Natuur zelf - de Godin.
Ze hadden een natuurlijk en diepe binding met de Godin en zij respecteerden en
vereerden haar in de natuur.
“Ik
hield van de aapmens. Ik bracht mijn bewustzijn in de harige wezens, die nu uit
de bomen kwamen om de graslanden te onderzoeken die mijn land gingen bedekken.
Ik inspireerde hen in hun droomtijd. Ik gaf hen visoenen om ze te instrueren hoe
ze konden overleven en gedijen. Ze waren mijn schepping en ik was goed op weg om
de mens te creëren, een vorm, een lichaam die het zuivere licht van de schepper
kon dragen. Ik deed het helemaal zelf, hoewel ik gebruik maakte van de Slangen
Koning om mijn lichaam te bevruchten, om wezens te creëren die verstand en
gevoel konden bereiken. Ik had niet langer de lagere goden van de lucht nodig
voor mijn plannen. Ik was echter een planeet en een wezen van de vrije wil, een
planeet van de vrije keus. Ik kon geen enkele bezoeker weigeren en dus kwamen
zij”.
Tweehonderdduizend
jaar geleden leefde de Neanderthaler in Europa en het zuidwesten van Azië, van
Groot-Brittannië in het westen tot Irak in het oosten. Om de ijstijden te
overleven maakten zij fysieke aanpassingen tegen de kou en dit werden de
Neanderthalers. Het waren carnivoren, vleeseters en om voldoende dierlijk vlees
te krijgen voor hun overleving, moesten ze bekwame jagers worden. Sociale
relaties werden belangrijk voor de Neanderthalers en dit werd in stand gehouden
door hun gevoel van verbondenheid als stam. Reconstructies van de keelanatomie
van de Neanderthalers leverden het duidelijk bewijs dat ze konden praten. De
vroegste Neanderthaler sprak geen taal en dat was niet nodig. Hij had voldoende
ongeschonden DNA om telepathisch contact te maken met zijn stamgenoten. Bepaalde
geluiden werden gebruikt om emoties uit te drukken, maar dit was niet d.m.v. een
gestructureerde taal, want dat was niet nodig. De Neanderthaler was volledig
verbonden met de natuur, het weer, de bewegingen en gewoontes van dieren,
evenals met de energie van de Godin zelf.
Ze
konden haar stem horen in het lied van de wind door de bomen. Ze konden haar
weerspiegeling zien in het water van het beekje en de rivier. Ze konden haar
koestering voelen in het vlees van het dier dat ze net in de jacht hadden
gedood. Ze waren vrij en levend in de natuur. Ze konden haar in hun dromen en
visioenen tot hen horen spreken. Toen ze in diepe grotten in de Aarde sliepen,
voelden ze haar nabijheid, een nabijheid die de moderne mens zich niet kan
voorstellen. Tijdens deze dromen verscheen ze als een archetypische Beer om ze
een bepaalde richting uit te duwen. Ze inspireerde hen in hun dromen om bepaalde
kruiden en planten te gebruiken als medicijn of bij het koken. Ze onderwees hen
de wegen van de vrouw, haar cycli en haar vruchtbaarheidsmoment. Elk dier was
een teken, zoals een weersverandering. De hele natuur was een leerschool voor de
Neanderthaler. En hij leerde snel, hij gedijde in de meest barre
weersomstandigheden. Ze overleefden en konden zich aanpassen aan de meest
heftige ijstijden van die tijd op de planeet. Ze waren harmonieus verbonden met
de goddelijkheid van de planeet. De Neanderthaler was helemaal één met de
Godin.
De
voorouders van de Neanderthaler begonnen te denken en te handelen langs lijnen
die nu als religieus of spiritueel worden gezien. De begrafenisrituelen van de
Neanderthaler man of vrouw tonen het eerste bewijs van de religieuze handelingen
onder mensen. De Godin werd al sinds de oeroude ijstijdperken vereerd.
Neanderthaler graftombes zijn gevonden met binnenin afbeeldingen van Yggdrasil,
de Europese Levensboom. In velden, bossen en grotten in Europa en het nabije
Oosten, hebben boeren en archeologen vreemde vrouwelijke afbeeldingen gevonden
in de vorm van kleine beeldjes. Ze hebben vaak hun seksuele karakteristieken
versterkt – grote borsten, billen en gezwollen buiken. Ze vertegenwoordigen de
archetypische Aarde Godin die een symbool van vruchtbaarheid, moederschap,
voortplanting was.
Grotten
in Zwitserland - 75.000 jaar oud – zijn gevonden met zeven berenschedels die
uitgelijnd waren met het sterrenbeeld Grote Beer. Dit verwijst naar de
collectieve geest van de beer als een geïndividualiseerde hogere intelligentie
– een god of geest. Het werd aangeroepen om te zorgen dat de stam kon bereiken
wat zij in leven en dood wensten. De stam bracht zichzelf in harmonie met
speciaal de beer teneinde deze als leidende kracht en spirituele beschermer aan
te nemen. Het werd het gekozen symbool van de stam dat de kracht van de stam
aangaf in relatie met rivaliserende stammen of groepen. Ze droomden, ze werden
één met de collectieve geest van de beer. Het tijdperk van de Neanderthalers
was het begin van het aanbidden van de generende kracht van de natuur door
middel van de vrouw als personificatie van de Goddelijke Moeder. De Godin was de
vrouw zelf, niet een etherische tegenhanger die in de lucht leefde.
Dus
wat gebeurde er met de Neanderthalermens? Eens geloofde men dat hij zich
ontwikkelde naar de Cro-Magnonmens om later de moderne mens van deze tijd te
worden. Met de vooruitgang van de wetenschap van de DNA-codering, denken de
huidige wetenschappers dat de huidige mens geen Neanderthaler voorouders in zijn
stamboom heeft. Het DNA uit de ribben van een Neanderthaler was te verschillend
van het DNA van de moderne mens, en dus was er geen relatie. Wetenschappelijke
ontdekkingen ondersteunen het denkbeeld dat de Neanderthaler zich niet vermengde
met de moderne mens en weinig of niets bijdroeg aan de menselijke genenbank. Dus
waar gingen ze heen, of wat roeide hen uit?
Na
talrijke jaren van goud delven op de Aarde om de atmosfeer van hun thuisplaneet
Nibiru te herstellen, kwamen diverse laaggeplaatste arbeiders van de Anunnaki in
opstand. Omdat dit werd gezien als een bedreiging voor het overleven van de
familie van Anu, was Enlil (de oudste zoon van Anu) bereid de oorlog te
verklaren aan de rebellerende Anunnaki. Een oplossing werd voorgesteld door Enki
(de jongste zoon van Anu). Dit voorstel betrof de creatie van een slavenras van
genetisch gemanipuleerde mensen, die het goud moesten delven. Toen de andere
leiders van de Anunnaki vroegen: “Hoe kun je een nieuw wezen creëren?”
antwoordde hij: “Dit wezen dat we nodig hebben bestaat reeds; het enige wat me
moeten doen is ons merkteken erop te plaatsen. Dit wezen was de
Neanderthalermens. Wat de Anunnaki in gedachten hadden was het genetisch
opwaarderen van de bestaande primitieve mens, die reeds op Aarde bestond, door
enkele genen toe te voegen van de meer geavanceerde Anunnaki. De Anunnaki
bezaten de wetenschap der genen, ze kenden de geheimen van de slangenspiraal,
het DNA. Toen de leiders van de Anunnaki toestemden in het project, zeiden ze:
“Laten we Adam fabriceren”. Enki begon, met behulp van Ninharsag - Hoofd
Medische Dienst van de Anunnaki – met het proces van genetisch construeren of
manipuleren door het toevoegen en combineren van de genen van de Anunnaki met
die van de reeds bestaande primitieve mens.
Het
Hof van Eden was gesitueerd in wat we nu het moderne Irak noemen. Het was een
wetenschappelijk station van de Anunnaki. Dit was hun plek van hun genetische
experimenten. Hier maakten ze als eerste Adam.
Overal
rond mijn lichaam bestaan wervelingen of draaikolken (vortex) van energie en
kracht. Je kunt het vergelijken met het chakrastelsel. Er is een gigantisch
netwerk van onderling verbonden lijnen die elkaar op bepaalde punten snijden.
Deze punten zijn de krachtplekken, een geweldige voorraad van mijn creatieve
kracht. Veel van deze draaikolken kunnen ook gebruikt worden als doorgangen naar
andere werelden en dimensies. Door middel van deze vortexen communiceer ik met
iedereen die mijn wereld bewoont en ook met de planetaire wezens die de planeten
bewonen van ons zonnestelsel. Diep in me is een geheime bron van goddelijke,
creatieve essentie. Deze essentie ontspringt als een bron uit de bergen. Het
rijst op uit mijn lichaam om te verschijnen op plekken waar de vortexen het
meest krachtig zijn. Eden was de meest krachtige vortex. Daar verscheen mijn
rijke, creatieve, goddelijke en machtige kracht.
De
Anunnaki, die een plek moesten uitkiezen om hun experimenten uit te voeren,
zouden natuurlijk een plek nemen waar mijn energie het meest krachtig was. Ze
construeerden een energiematrix rond deze plek en sloten me op. Ze bonden me
vast met bewustzijnssnoeren. Ze benutten mijn kracht, mijn essentie en
gebruikten dit voor eigen doeleinden. Ze hadden hun respect voor mij vele jaren
geleden verloren. Ze hadden een val in bewustzijn gemaakt als gevolg van een te
lang verblijf in de aura van mijn energie. Ik was dus verankerd in een zeer
dichte en gepolariseerde werkelijkheid en elk wezen dat op mijn oppervlak of in
mijn atmosfeer leefde stond onder invloed van mijn energie. Door het wezen
Lucifer - verborgen in de diepten van mijn buik en bewaker van de energie van
scheiding - werden wezens die onder mijn invloed kwamen, vaak geraakt en moesten
een bewustzijnsval ondergaan. De Anunnaki waren hierover razend en gaven mij de
schuld van hun val. Wat ze niet beseften was, dat ze door een karmische schuld
naar mij werden toegetrokken, een schuld die slechts geheeld kon worden door
mijn lieflijke hand. Ze hadden geen keus, ze konden geen bewustzijnsverruiming
bereiken zonder het helen van dit karmische patroon dat in hun DNA lag
opgeslagen. Ik gaf hen de keus – ik ben licht en duister. Ze hadden voor mijn
goddelijkheid kunnen kiezen en het kind uit mijn lichaam – de aapmens, mijn
geliefde. Maar dat deden ze niet.
In
het begin kwamen ze naar mijn planeet in hun elektrisch lichaam, maar zij werden
door het magnetisme van mijn vorm aangetrokken naar de ingang van de lege
ruimte. Ze waren er niet meer. Dit was het moment waarop ze voor het eerste
gingen beseffen dat ik een bewust en een levend wezen was. Lang geleden was de
planeet Nibiru bewoond, dat toen nog een levendragende, levende entiteit was.
Geen enkele levende Anunnaki had nog een herinnering aan Nibiru als een levend
wezen. Het enige wat ze zich nog herinnerden was het feit dat het een planeet
was dat ontworpen en opnieuw geconstrueerd was als een kunstmatige wereld, een
slagschip. Ze hadden er nooit bij stil gestaan dat een planeet, zoals ik,
goddelijk kon zijn. Ze konden mijn goddelijkheid niet in de vorm zien, noch de
essentie. Ze keken naar mij als een man die een vrouw wil verkrachten, haar niet
ziet als menselijk wezen en haar als dier behandelt. Ze wilden me nemen,
verkrachten en misbruiken. Ze namen mijn energie in Eden, controleerden me en
misbruikten mijn energie voor perverse experimenten.
Enki
en zijn wetenschappelijke helper Ninti combineerden het DNA van de Anunnaki met
het DNA van de Neanderthalermens. Ze implanteerden het hybride DNA in het eitje
van een vrouwelijke Anunnaki (hetzelfde als klonen) en implanteerden het
bevruchte eitje in de baarmoeder van Enki’s vrouw, Ninki. Na verschillende
pogingen werd er een Anunnaki/Neanderthalerkruising gecreëerd met een beperkte
intelligentie van de Anunnaki en de kracht van de Neanderthaler. In de
Soemerische mythologie werd de hybride Adamu genoemd, wat in het Hebreeuws
betekent de perfecte aardling of
aardebewoner.
“Hij
van de Aarde. Toen, nog voordat er regen was, vormde Hij de man uit het stof van
de Aarde. Hij blies de levensadem in zijn neus en de mens werd een levend wezen.
De Here God plantte een tuin in Eden, in het oosten en plaatste daar de man die
Hij had gevormd”.
(Genesis)
“Laat
ons Adam maken naar ons beeld en gelijkenis”, ze de Anunnaki. “Belet-ili de
baarmoeder Godin is aanwezig. Laat haar een sterfelijke man creëren, zodat hij
misschien het juk kan dragen, het werk van Ellil. Laat de man de lasten van de
goden dragen! Belet-ili, de baarmoeder Godin is hier, laat de schoot van de
Godin nakomelingen creëren en laat hen de lasten van de goden dragen! Jij bent
de baarmoeder Godin die de schepper van de mensheid moet worden! Creëer een
sterfelijk wezen zodat hij het juk kan dragen! Laat hem het juk dragen, het werk
van Ellil, laat hem de lasten van de goden dragen! (beide gehaald uit de
Gilgamesh –Soemerische tabletten)
De
Anunnaki bleven doorgaan met het perfectioneren van Adam, net zolang tot hij
perfect was. Door middel van een proces van genetische manipulatie werden
wezens, die de Anunnaki Lulus noemden, gecreëerd door Enki en Ninharsag. Deze
wezens konden zich niet voortplanten en dus moest de vrouwelijke Anunnaki
hiervoor zorgen. Ze gingen verder met hun experimenten en ontwikkelden later een
schepsel dat zich zelf kon voortplanten en zij noemden hem De
Adam. Toen eindelijk na veel gedoe en ellende een ‘perfect model’ was
gecreëerd, hield Ninharsag hem omhoog en riep: “Mijn handen hebben dit
gemaakt!”
De
Neanderthalers domineerden Europa compleet gedurende 200.000 jaren. Echter,
40.000 jaar geleden verscheen een nieuwe uitdager op het toneel. Vanuit het
oosten vielen de Cro-Magnons binnen die een hoger bewustzijnsniveau en betere
wapens hadden. De Cro-Magnons doodden de meerderheid van de Neanderthalers en
degenen die het overleefden ontsnapten naar afgelegen gebieden van de planeet.
Het was een heftig gevecht, wat bewezen werd door de massale begraafplaatsen van
de Neanderthalers met gebroken botten en andere verwondingen. De Anunnaki Elite
vermoordde de hele Neanderthaler bevolking nadat men de genetische experimenten
met de Neanderthalers had beëindigd. De moderne genetische gemanipuleerde mens
begon de Aarde te bevolken.
“O,
hoeveel hield ik toch van mijn harige man. Hij had mij lief vanuit het binnenste
van zijn lichaam. Hij sprak tot mij bij iedere ademhaling van zijn lichaam. Zijn
stammen fluisterden met elkaar in hun gedachten. Geen verbale woorden waren
nodig. Nu is dit alles verdwenen. Hij was mijn Verloren Zoon. Ik dacht dat hij
het ver zou brengen. Kun jij je voorstellen wat je als mens nu zou zijn geweest
wanneer je een paar meer genen van de Neanderthaler zou hebben gehad? Hadden ze
maar het slangenspiraal intact gelaten! Hoe prachtig zou je vorm nu zijn
geweest, hoe wakker je denken, hoe levend je hart. Ik ben bedroefd en mis mijn
Harige Man”.
Na
vele jaren ontwikkelden de Anunnaki de religies door het corrumperen van de
spiritualiteit van de inheemse volken van de Aarde. Verschillende religies
werden binnengebracht die met elkaar strijdig waren om wanorde, wantrouwen,
verwarring, oorlog en arrogantie te ontwikkelen. Ze probeerden de verering van
de Goddelijke Godin te elimineren. Er ontstond echter zoveel weerstand waardoor
de Anunnaki vervangende verhalen invoerden voor de verschillende culturen. Zij
corrumpeerden het beeld van de Godin door haar op een oneigenlijke manier
eigenschappen toe te dichten, zoals wellustig, wraakzuchtig en jaloers.
“Dus
hoe zit het dan met Eva en het Hof van Eden”, vroeg ik de Godin?
Dit is het verhaal zoals ik het ken.
Adem
en Eva waren de eerste tuiniers. Zij leefden in het Hof van Eden, een perfecte
plek zonder doornen en onkruid, waar de planten hun vruchten gemakkelijk
produceerden. God vertelde Adam de tuin te bewerken en bij te houden, de dieren
namen te geven en de vruchten van de tuin te eten met uitzondering van de boom
van de kennis van goed en kwaad. God zei dat hij zou sterven als hij de vruchten
van die boom zou eten.
Later
werd Eva verleid door Satan die door middel van een slang sprak en zei dat ze
een appel van die boom moest eten. Zij bracht toen Adam een appel die hij opat
terwijl hij wist dat het fout was. Vanwege deze ongehoorzaamheid aan God, want
hij geloofde Satan, moesten ze de spirituele dood beleven en vervolgens de
fysieke dood. God verdreef ze uit het Hof van Eden.
Adam
en Eva zondigden omdat ze hun wensen boven die van God plaatsten en daardoor
ontstond de zonde in de wereld. Niet langer zou het gemakkelijk zijn om te
oogsten. Doornen en onkruid zouden het planten en oogsten zwaar maken. Men zou
moeten werken om te eten. Vrouwen zouden kinderen in pijn baren. Dieren werden
gevaarlijke vleeseters.
Het
verhaal van Adam en Eva heeft de mensheid duizenden jaren sterk beïnvloed. Toch
zijn er momenteel verschillende meningen over de waarheid van dit verhaal.
Sommige mensen volharden in het gegeven dat we dit verhaal letterlijk als de
waarheid moeten zien. Anderen zien het als een symbolisch verhaal met een
diepere betekenis. In de laatste twee duizend jaar werd het verhaal van Adam en
Eva doorgegeven als sociale en religieuze waarden voor de westerse beschaving.
Of je dit verhaal als een volkslegende opvat of niet, het is met succes
gepresenteerd als ‘waarheid’ met betrekking tot de vrouw. Tijdens de
christelijke periode gaf het de mens een reden om de sociale, seksuele,
religieuze, politieke en economische vrijheid van de vrouw aan banden te leggen
of te beperken. Het heeft de man ook een rechtvaardiging gegeven om de vrouw
verantwoordelijk te houden voor alle ellende die de mensheid moest ondergaan.
‘Waarom
is dit allemaal gebeurd?” De Godin zei: “De moderne mens kan dit verhaal
niet meer serieus nemen, vanwege het feit dat het niet meer logisch aansluit bij
zijn visie op de wereld. Ze zien zichzelf niet langer leven in een wereld van
mythen en legenden, dus daarom verwerpen ze het als pure fantasie zonder waarde.
Mythen creëren jullie wereld en de mijne. Wanneer de verhalen veranderen,
verander ik. De karakters komen aan de macht of verliezen het, zodat de verhalen
steeds opnieuw worden verteld.
Eden
was inderdaad prachtig, zoals de hele planeet. Waarom was Eden zo bijzonder voor
de Anunnaki? Was dat omdat ze een manier hadden gevonden om de energie van die
plek te benutten, om ze bij het creëren te helpen? Herinner je nog dat de
Anunnaki zeiden: “Belet-ili de baarmoeder Godin is aanwezig; laat haar een
sterfelijke man creëren”.
Ze verwezen naar mij. Ze gebruikten mijn energie en talent om vorm te creëren,
om wezens te creëren die later hun slaven zouden worden. Ze ontwierpen stugge
energieconstructies die mijn kracht konden aanwenden. Mijn creatieve kracht komt
van een bron in het centrum van mijn planeet. Het beweegt zich als water door
mijn lichaam, soms verplaatst deze essentie zich door een rots naar het
oppervlak en baadt het omringende land in mijn zuivere creatieve kracht. Deze
plekken zijn krachtig, de vroege mens wist dit, meer dan de moderne mens van
vandaag. Waar de bron oprijst aan het oppervlak, werden energiehaarden gevormd
die voortdurend in spiralen bewogen. Deze energetische vortexen verbonden zich
overal op de planeet. De hele Aarde werd
gebaad in energie via een netwerk van mijn essentie. Sommige van deze vortexen
waren krachtiger dan andere. Andere bedekten grote stukken land. Eden was de
rijkste. Het was de schoot van mijn lichaam.`
Plotseling
was ik in de tuin, het was prachtig. “Was dit Eden”, dacht ik. Ik keek op en
zag een grote metalen constructie, die ook verankerd was in de grond met een
lange metalen voet. Het was gemaakt van complexe geometrische vormen, alles in
metaal. Binnen de structuur zoemde de energie. Het maakte een geluid zoals je de
energie voelt langs een hoogspanningsmast. Het was allemaal statische
elektrische energie dat gezien kon worden als dunne blauwe lichtvonken in de
lucht. Onder het beschermende energetische krachtveld, zag ik de Anunnaki. Het
waren vreemde wezens die gekleed waren in het een of andere pak dat gemaakt was
van goud en, hoewel ik niet kon zien wat zij onder hun pakken droegen, wist ik
dat zij op de een of andere manier zuivere elektriciteit waren. Deze structuur
benutte niet alleen de energie van de Aarde voor hun experimenten, maar het creëerde
ook een atmosfeer waarin ze konden leven. De energie was ook vreemd. Het was
zeer klinisch, heel steriel. Ik kreeg hetzelfde gevoel wanneer ik te lang in een
luchthaven ben.
“De
Anunnaki kwamen en gebruikten lange metalen staven om hun energie hier te
verankeren en ze gebruikten ook de energie van mijn essentie”, zei de Godin.
“De Anunnaki wisten hoe ze dergelijke constructies konden gebruiken om de
energie te controleren en op te vangen. Ze gebruikten de wijsheid en de kracht
van geometrische vormen om de energie te gebruiken. Heilige geometrie kan
gebruikt worden als een positief instrument voor het goede en als een negatief
instrument voor het slechte. Door een indrukwekkende en complexe energetische
gevangenis over Eden te bouwen, konden ze hier leven en mijn energie gebruiken
voor hun creatieve experimenten. Deze omgeving gaf de Anunnaki een plek waardoor
ze op de Aarde konden zijn, maar niet van de Aarde. Ze konden hier leven zonder
geraakt te worden door mijn tijden, cycli, dromen of vibratie. Ze namen mijn
heilige ruimte, steriliseerden het en gebruikten het als hun laboratorium.”
Volgens
de Midrasj-literatuur,
was de eerste vrouw van Adam niet Eva maar een vrouw die Lilith werd genoemd.
Zij werd geschapen in het eerste Genesisverhaal. Pas toen Lilith in opstand kwam
en Adam verliet schiep God als vervanging Eva volgens het tweede Genesisverslag.
Adamus – zowel mannelijk als vrouwelijk, Adam en Lilith samen als één. Het
is een misvatting dat Adam oorspronkelijk mannelijk was. De eerste Anunnaki
experimenten creëerden een wezen met de naam Adamus.
Dit wezen was zowel mannelijk als vrouwelijk, dus zowel Adam als Lilith. Deze
wezens waren te intelligent en konden niet gecontroleerd worden door de
Anunnaki. Ze waren even machtig als de goden en waren in het bezit van een
12-strengen DNA. Dus splitsten de Anunnaki de chromosomen en creëerden Adam. In
sommige versies van dit verhaal creëerde God (de Anunnaki) Adam en Lilith
gelijktijdig. Sommigen perverteerden dit verhaal en maakten een onderscheid
tussen Adam en Lilith. Er werd gezegd dat Adam uit klei was gemaakt en Lilith
uit stof. Aan de ene kant is het een soort leugen, aan de andere kant is het de
waarheid. Adam was uit een substantie van de Aarde gemaakt, maar was toch
gemodelleerd in een vooraf bepaalde vorm. Lilith was daarentegen puur en van de
Aarde.
De
Anunnaki creëerden Adam. Hij ontstond door de genetische manipulatie van de
Neanderthalergenen. Lilith, de substantie, bestond reeds in zowel de vrouwelijke
en mannelijke lichamen van de Neanderthalers. Zij was zuiver van de Aarde, er
was niet aan geknoeid, zij was compleet. Zij had alle strengen van het DNA
intact en beheerste de ‘slang’. De Godinnenenergie was te sterk in de
Neanderthalers en de Anunnaki konden ze niet controleren dankzij hun sterke band
met de natuur, de cycli en ritmen van het leven. Ze konden rechtstreeks
communiceren met de natuur en elkaar, woorden waren niet nodig. Lilith stroomde
door de aderen van de Neanderthalers. Dit was niet de bedoeling van de Anunnaki,
dus verdreven ze haar uit Eden.
Ze
namen het Neanderthaler DNA en vermengden het met de genen van de Anunnaki. De
Anunnaki bleven het wezen net zolang zuiveren en corrigeren totdat het perfect
was. Door middel van een proces van genetische manipulatie werden de wezens, die
door de Anunnaki Lulus werden genoemd, gecreëerd door Enki en Ninharsag. Deze
wezens konden zich niet voortplanten en dus moesten de vrouwelijke Anunnaki
hiervoor zorgen. Ze vervolgden hun experimenten en ontwikkelden later een nieuw
schepsel die zich wel kon voortplanten en die ze De
Adam noemden. Ze namen de reeds beperkte genetische informatie van het
prototype DNA-streng van Adam en creëerden Eva. Ze hadden niet veel op met de
afkomst van Lilith, ze hadden een gemanipuleerde, meer beperkte vrouw nodig die
de moeder voor allen moest worden. Tijdens dit geknoei met de genen verwijderden
de Anunnaki de derde DNA-streng van de slang. Deze streng diende om de linker
met de rechter hersenhelft te verenigen, die voor een directe verbinding zorgde
met het collectieve bewustzijn en met mij als Godin. De vroege mens had het
vermogen telepathisch te communiceren, hun lichaam op wilskracht te verlaten en
het potentieel van zowel de linker en de rechter hemisferen van hun hersenen te
gebruiken. Het was een perfect ras, die toen in een perfecte tuin leefden. Nadat
de Anunnaki zich hadden bemoeid met de ‘slang’, was het DNA-spiraal aan
flarden. (Zie afbeelding uit het boek Jullie
Eerste Contact – de nieuwe jij)
“Toen
schiep God Eva uit de rib van Adam” (Genesis 2:20-23)
Het
Soemerische woord ti betekent zowel rib
als levend maken. In het oude
Mesopotamië
is Ninti - betekent zowel vrouw
van de rib als de vrouw die levend
maakt - de Godin die hielp bij de geboorte van Adam. De dubbele betekenis is
misschien een verklaring voor het feit waarom Eva – die de moeder van al het
leven wordt genoemd – gecreëerd werd uit Adams rib (wel een vreemd stuk van
het mannelijk lichaam om te kiezen).
De
Anunnaki creëerden het man/vrouw wezen en zorgde er vervolgens voor dat één
deel of sekse in elk wezen latent bleef. Op een bepaalde manier was Eva niet
anders dan Adam. Eva is niet een echte vrouw, zij is een halve man. Toch kan
niets dat door mijn energie is gecreëerd volledig afgesneden worden van mijn
vrouwelijke kracht. De Anunnaki wisten niet dat ik in die rib sliep die zij van
Adam namen om Eva te creëren.
De
Levensboom, mijn DNA-slang (spiraal)
De
Boom der Kennis, mijn seksualiteit
Slaapt
heimelijk in de botten van Adam en Eva.
“En
God liet uit de grond groeien, elke boom die prettig is om te zien en goed om te
eten, en de levensboom in het midden van de tuin, en de boom van de kennis van
goed en kwaad. En God gaf Adam een opdracht en zei: “Je mag niet van deze boom
eten, want zodra je van deze boom eet zul je sterven. En God zei: “Het is niet
goed voor de man om alleen te zijn, Ik zal voor hem een hulp maken”. (Genesis
2:9, 16-18)
Dit
is het verhaal zoals ik het ken. Adam en Eva , de eerste man en vrouw die in het
paradijs leefden. Ze waren naakt en kenden geen schaamte. Ze konden rechtstreeks
met God communiceren. God vertelde hen dat ze van alles mochten genieten,
behalve van de Boom der Kennis van Goed en Kwaad. Dan komt de slang om de hoek
kijken. Hij probeert Eva te verleiden en zij eet van de appel. Eva verleid op
haar beurt Adam. Plotseling overvalt hen een gevoel van schaamte. Zij schamen
zich in het bijzonder voor de seksuele delen van hun lichaam, die zij met
vijgenbladeren bedekken. Als gevolg van hun daad worden zij uit het paradijs
verdreven.
De
val van Adam en Eva draait rond het gegeven van het eten van de vrucht van de
Boom van Kennis van Goed en Kwaad. Zo’n boom bestaat natuurlijk niet. De
vrucht van kennis is natuurlijk niet letterlijk te nemen, het is een symbool
voor een verboden daad. In het Oude Testament betekent kennis van een vrouw een
seksuele relatie hebben met een vrouw. Een vrucht plukken is ook een analoge
manier om de seksuele vereniging aan te duiden. “De slang was ik”, zei de
Godin.
In
Genesis 6:2-4 is door de Anunnaki vastgelegd (die het grootste deel van het Oude
Testament hebben geschreven) dat de zonen
van God (de Anunnaki mannen) zagen
dat de dochters van mannen bekoorlijk waren.
De
Anunnaki geloofden dat de zonen van God
naar de Aarde waren gelokt en bezoedeld waren door de inheemse vrouwen van de
Aarde. Ze zagen alle vrouwen - evenals de Godin – als verleidsters, duivelse
verleidsters. De zonen van God
misbruikten en mishandelden de inheemse vrouwen van de Aarde op een
verschrikkelijke manier als voorbeeld voor de inheemse mannen op de Aarde om dit
te volgen. Dit was het eerste begin van het patroon van mannelijke overheersing
op Aarde en het demoniseren en onderdrukken van vrouwen.
Ik
herinner me een cursus die ik leidde. Tijdens die cursus speelde ik een
energiespel met de aanwezigen. Ik hield de energie van de Aarde vast en zat in
het midden van het vertrek. Alle cursisten channelde een andere wezen die de
Aarde nu beïnvloedde. Elke cursist moest naar voren komen om met de Aarde een
interactie aan te gaan in zowel gevoelens als woorden. Toen de Anunnaki aan de
beurt kwam wilde deze niet naar voren komen om de Aarde te ontmoeten. Door
middel van mij zei de Aarde: “Waarom kom je niet bij mij?” De Anunnaki zei:
“Je bent een hoer die ons in je bed wil lokken om ons in de morgen op te
eten.”
De
Anunnaki, de zonen van God, dachten
dat ze naar de Aarde waren gelokt om door de inheemse vrouwen van de Aarde te
worden verleid en bezoedeld. In feite waren de vrouwen in die tijd veel
zuiverder dan de mannen en werden door de mannen gerespecteerd omdat ze dicht
bij mij bleven, de Goddelijke Moeder. De Anunnaki moesten het verhaal verdraaien
om het te laten lijken dat de vrouwen een sekse was dat niet vertrouwd kon
worden en dat ze door de mannen onderdrukt moest worden. Veel Anunnaki mannen
namen aardse vrouwen en pleegden wrede en verschrikkelijke seksuele handelingen
bij hen. Niet heel veel anders dan wat zij Adam bij dieren hadden zien doen. De
nakomelingen van dit soort gecreëerde babi’s waren te groot voor het lichaam
van de aardse vrouw en dus werd Eva gestraft met pijnlijke geboortes. Dit was
het directe gevolg van het paren met de Anunnaki goden.
De
Anunnaki waren het niet altijd met elkaar eens; de beide zonen van Anu - Enki en
Enlil - vochten voortdurend. Enki was kruising van een slangenmens en de
Anunnaki Royalty. Toen Anu voor de eerste keer naar de Aarde kwam zag hij dat
daar reeds het Slangenvolk en het Drakenvolk woonden. Zij wilden hun planeet
niet delen, dus trouwde Anu met de Slangenkoningin en zij baarde Enki. Met het
slangenbloed in zijn aderen, hoorde hij mij fluisteren in de slangentunnels en
daardoor werd hij geïnspireerd om de mensheid te redden van het noodlot dat
zijn broeder Enlil in gedachten had. Enlil werd kwaad op de Anunnaki en hun
seksuele activiteiten met de mensen. Hij vreesde dat zijn genetische tak besmet
zou raken. Hij was ook boos omdat er nu zoveel mensen waren. Ze fokten maar
raak. Enlil creëerde de eerste hongersnood in het land en daarom werd er
geschreven dat Adam en Eva uit het Hof van Eden werden verdwenen.
Tot
dit moment in de geschiedenis werden de mensen gevoed en verzorgd door de
Anunnaki. Voor hen was er niet de noodzaak om voedsel te zoeken, zoals dit gold
voor de Neanderthalers. Zij krijgen alles van de Anunnaki goden. Het mythe van
het Hof van Eden is een symbolisch verhaal over hoe de eerste gemanipuleerde man
en vrouw moesten zien te overleven, toen de Anunnaki hen uit Eden hadden
verdreven en zij op eigen benen moesten staan.
Enki
had zijn creatie lief en wilde niet dat die dezelfde weg zouden gaan dan die
welke de Anunnaki voordien hadden bewandeld. De Anunnaki paarden met de aardse
vrouwen en uit hun ‘lendenen’ schiepen ze mensenkoningen. Ze gaven de
koningen van de Mens het levenselixer, het Manna. Enki besefte hoe het afgelopen
was met degenen die deze substantie hadden ingenomen en hij adviseerde Adam en
Eva dit niet te doen. Hij adviseerde hen daarentegen de weg van de Godin te
volgen, en het onsterfelijke leven over te laten aan degenen met opgeblazen
ego’s en het doodsportaal te nemen naar de legen ruimte. “Alleen dit is de
natuurlijke weg”, zei ze. Dus werden Adam en Eva het paradijs uitgesmeten.
(wordt
vervolg)
Bron:
alloya.com
(Vertaald:
Harmen Schouwerwou – www.unitynet.nl)